ECLI:NL:CRVB:2008:BC1957
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- H.R. Geerling-Brouwer
- Rechtspraak.nl
Verzet ongegrond wegens niet tijdige betaling griffierecht in bestuursrechtelijke procedure
Appellant had beroep ingesteld tegen een besluit van de Pensioen- en Uitkeringsraad, maar dit beroep werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het griffierecht niet tijdig was betaald. Appellant maakte hiertegen verzet, stellende dat zijn vergeetachtigheid, beperkte financiële middelen en het samenwonen met zijn broer tot verwarring bij de postafhandeling hadden geleid.
De Raad heeft het verzet behandeld en geoordeeld dat de door appellant aangevoerde omstandigheden binnen zijn eigen risicosfeer vallen en onvoldoende zijn om de te late betaling te excuseren. De Raad achtte daarom geen reden om het verzet gegrond te verklaren.
Er is geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling. Het verzet is derhalve ongegrond verklaard en de eerdere niet-ontvankelijkverklaring gehandhaafd.
Uitkomst: Het verzet wordt ongegrond verklaard wegens niet tijdige betaling van het griffierecht.