ECLI:NL:CRVB:2007:BC0926

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
20 december 2007
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
06-5776 AW
Instantie
Centrale Raad van Beroep
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • K.J. Kraan
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 21a BeroepswetArt. 8:75 Algemene wet bestuursrechtBesluit proceskosten bestuursrecht
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Intrekking hoger beroep en proceskostenveroordeling gemeente Enkhuizen

Het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Enkhuizen stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Alkmaar. Het hoger beroep werd door de gemachtigde van appellant op 11 oktober 2007 ingetrokken. Betrokkene verzocht vervolgens om veroordeling van appellant in de proceskosten die in hoger beroep zijn gemaakt.

De Raad stelde vast dat de intrekking rechtsgeldig was en dat de proceskosten reeds in eerste aanleg waren beoordeeld, zodat alleen de kosten van het hoger beroep in aanmerking kwamen. Op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht werden deze kosten begroot op €322.

Met toestemming van partijen vond geen zitting plaats en werd het onderzoek gesloten. De Raad veroordeelde appellant tot betaling van de proceskosten aan betrokkene. De uitspraak werd gedaan door voorzitter K.J. Kraan en griffier R.B.E. van Nimwegen op 20 december 2007.

Uitkomst: De gemeente Enkhuizen is veroordeeld tot betaling van €322 aan proceskosten aan betrokkene na intrekking van het hoger beroep.

Uitspraak

06/5776 AW
Centrale Raad van Beroep
Meervoudige kamer
U I T S P R A A K
als bedoeld in artikel 21a van de Beroepswet in verband met het hoger beroep van:
het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Enkhuizen, (hierna: appellant),
tegen de uitspraak van de rechtbank Alkmaar van 22 augustus 2006, 05/2714 (hierna: aangevallen uitspraak),
in het geding tussen:
[betrokkene])
en
appellant
I. PROCESVERLOOP
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen de aangevallen uitspraak.
Mr. M. Burghout, juridisch adviseur te Monnickendam, heeft zich op 20 oktober 2006 als gemachtigde van appellant gesteld en een aanvullend beroepschrift ingediend.
Mr. F. Westenberg, advocaat te Hoorn, heeft namens betrokkene een verweerschrift ingediend.
Bij brief van 11 oktober 2007 heeft mr. Burghout voornoemd namens appellant het hoger beroep ingetrokken.
Mr. Westenberg voornoemd heeft namens betrokkene bij brief van 23 oktober 2007 aan de Raad verzocht appellant te veroordelen in de proceskosten.
Appellant heeft geen gebruik gemaakt van de gelegenheid een verweerschrift in te dienen.
Met toestemming van partijen heeft de Raad bepaald dat het onderzoek ter zitting achterwege blijft, waarna het onderzoek is gesloten.
II. OVERWEGINGEN
Artikel 21a, eerste lid, eerste volzin, van de Beroepswet bepaalt dat in geval van intrekking van het hoger beroep door het bestuursorgaan, het bestuursorgaan op verzoek van een partij bij afzonderlijke uitspraak met overeenkomstige toepassing van
artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht kan worden veroordeeld in de proceskosten.
De Raad stelt vast dat namens appellant het hoger beroep is ingetrokken en dat namens betrokkene een verzoek om veroordeling van appellant in de proceskosten van betrokkene is gedaan.
Aangezien de rechtbank Alkmaar bij de aangevallen uitspraak reeds ten aanzien van de proceskosten in beroep heeft beslist, staan slechts de in hoger beroep gemaakte kosten ter beoordeling. De kosten worden, ingevolge het Besluit proceskosten bestuursrecht, begroot op € 322,- in hoger beroep.
III. BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep,
Recht doende:
Veroordeelt appellant in de kosten van betrokkene tot een bedrag van € 322, te betalen door de gemeente Enkhuizen.
Deze uitspraak is gedaan door K.J. Kraan als voorzitter. De beslissing is, in tegenwoordigheid van R.B.E. van Nimwegen als griffier, uitgesproken in het openbaar op 20 december 2007.
(get.) K.J. Kraan.
(get.) R.B.E. van Nimwegen.