ECLI:NL:CRVB:2007:BC0744
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- G. van der Wiel
- K. Zeilemaker
- Rechtspraak.nl
Beoordeling dagloonvaststelling WW-uitkering na WAO-schatting bij beroepswissel naar CAD-tekenaar
Appellant was arbeidsongeschikt geworden als onderhoudsmonteur en had vervolgens een beroepswissel gemaakt naar CAD-tekenaar, waarbij hij meerdere arbeidsovereenkomsten had en scholing had gevolgd. Het UWV had het WW-dagloon vastgesteld op basis van het laatst duurzaam uitgeoefende beroep als CAD-tekenaar, niet op het eerdere beroep van onderhoudsmonteur.
De rechtbank had het UWV teruggewezen wegens onvoldoende motivering en onderzoek naar de duurzaamheid van het beroep als CAD-tekenaar. Het UWV nam een nieuw besluit met verbeterde motivering, waarin werd bevestigd dat het beroep van CAD-tekenaar als gewoonlijk uitgeoefend beroep geldt voor de dagloonvaststelling.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het UWV terecht het beroep van CAD-tekenaar als uitgangspunt heeft genomen, gezien de arbeidskundige rapportages, de contractuele duur en de scholing. Er waren geen bijzondere omstandigheden die een ander beroep of een gunstigere dagloonvaststelling rechtvaardigen. Het beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd.
De Raad benadrukt het belang van rechtszekerheid en voldoende motivering bij de vaststelling van het dagloon in WW-zaken na een WAO-uitkering en beroepswijziging.
Uitkomst: Het beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en het UWV mag het dagloon baseren op het beroep van CAD-tekenaar.