ECLI:NL:CRVB:2007:BB8057
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- J.W. Schuttel
- A.T. de Kwaasteniet
- Rechtspraak.nl
Vernietiging weigering WAO-uitkering ondanks in stand laten rechtsgevolgen
Appellant meldde zich arbeidsongeschikt met hypertensie en diabetes en kreeg een weigering van een WAO-uitkering door het UWV. Na een medisch onderzoek en bezwaar werd het besluit bevestigd door de rechtbank. In hoger beroep voerde appellant aan dat zijn beperkingen werden onderschat en dat het medisch onderzoek onvoldoende zorgvuldig was.
De Raad oordeelde dat het medisch onderzoek door de artsen Pluijmen en Van Duijn zorgvuldig was en dat er geen aanwijzingen waren dat de beperkingen van appellant waren onderschat. De informatie over de gezondheidstoestand van appellant na de relevante datum gaf geen aanleiding tot een ander oordeel.
Wel concludeerde de Raad dat de passendheid van de geselecteerde functies pas door de rapporten van de bezwaararbeidsdeskundige Politon deugdelijk was onderbouwd. Daarom werd het besluit vernietigd, maar de rechtsgevolgen werden in stand gelaten. Tevens werd het UWV veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en het betaalde griffierecht.
Uitkomst: Het besluit tot weigering van de WAO-uitkering wordt vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand en het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.