ECLI:NL:CRVB:2007:BB6195
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- J.W. Schuttel
- A.T. de Kwaasteniet
- Rechtspraak.nl
Bevestiging toekenning WAO-uitkering met arbeidsongeschiktheid van 65 tot 80 procent
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen het besluit van het UWV om hem een WAO-uitkering toe te kennen op basis van een arbeidsongeschiktheid van 65 tot 80%. Hij stelde dat zijn beperkingen werden onderschat, onderbouwd met medische rapporten, waaronder een brief van zijn reumatoloog en een psychiatrisch rapport uit 2007.
De Raad heeft de aangevallen uitspraak van de rechtbank Rotterdam bevestigd, die het beroep tegen het nieuwe besluit ongegrond verklaarde. Uit diverse medische rapportages van artsen en arbeidsdeskundigen blijkt dat het UWV bij de beoordeling van de beperkingen van appellant rekening heeft gehouden met alle klachten en een urenbeperking van maximaal 4 uur per dag en 20 tot 22 uur per week heeft aangenomen.
Hoewel appellant een brief overlegd heeft waarin staat dat medicijnen niet het gewenste effect hadden, acht de Raad dit onvoldoende om het oordeel van het UWV te wijzigen. Ook het latere psychiatrisch rapport dat een hogere mate van arbeidsongeschiktheid aangeeft, is niet relevant voor de periode waar het geschil over gaat.
De Raad concludeert dat appellant met de vastgestelde beperkingen in staat is om de geselecteerde functies te vervullen. Er is geen aanleiding om het besluit van het UWV te wijzigen of de proceskosten te veroordelen. De aangevallen uitspraak wordt bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat het UWV de arbeidsbeperkingen van appellant niet heeft onderschat en handhaaft de WAO-uitkering op basis van 65 tot 80% arbeidsongeschiktheid.