ECLI:NL:CRVB:2007:BB5651
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van vaststelling arbeidsongeschiktheid en afwijzing hoger beroep tegen WAO-uitkeringsbesluit
Appellante ontving sinds 28 januari 1999 een WAO-uitkering wegens een arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%. Bij besluit van 11 februari 2004 werd deze uitkering ingetrokken met ingang van 3 april 2004, omdat zij minder dan 15% arbeidsongeschikt werd geacht. Appellante maakte bezwaar tegen dit besluit, dat op 11 november 2004 ongegrond werd verklaard.
De rechtbank Maastricht bevestigde dit besluit en oordeelde dat de medische beperkingen van appellante op juiste wijze waren vastgesteld en dat de door het UWV geduide functies passend waren. Appellante voerde in hoger beroep dezelfde gronden aan, met name dat de geduide functies niet passend zouden zijn gezien haar beperkingen.
De Centrale Raad van Beroep onderschreef de overwegingen van de rechtbank volledig en wees het hoger beroep af. De Raad merkte op dat de functie van schadecorrespondent niet langer aan de schatting ten grondslag ligt vanwege het ontbreken van de opleidingseis, maar dat er voldoende andere functies met voldoende arbeidsplaatsen zijn. De mate van arbeidsongeschiktheid blijft derhalve ongewijzigd vastgesteld. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.