ECLI:NL:CRVB:2007:BB4026
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G. van der Wiel
- J.M.A. van der Kolk-Severijns
- L.H. Waller
- Rechtspraak.nl
Weigering toestemming voortzetting zelfstandige activiteiten met behoud van bijstand
Appellant, een belastingadviseur die niet in zijn levensonderhoud kon voorzien uit zijn zelfstandige werkzaamheden, vroeg het College van burgemeester en wethouders van Zoetermeer om toestemming om 25 uur per week als zelfstandige te werken met behoud van bijstand op grond van de WWB. Het College verleende bijstand maar weigerde de toestemming voor zelfstandige activiteiten met behoud van uitkering, gebaseerd op gemeentelijk beleid dat een keuze vereist tussen zelfstandige arbeid of arbeid in loondienst.
De voorzieningenrechter van de rechtbank ’s-Gravenhage verklaarde het beroep van appellant tegen deze weigering ongegrond. Appellant ging hiertegen in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep. De Raad oordeelde dat de WWB en het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 (Bbz 2004) niet voorzien in de mogelijkheid om met behoud van algemene bijstand zelfstandige activiteiten van 25 uur per week te verrichten.
Het College had het eerdere beleid waarbij beperkte zelfstandige activiteiten met behoud van bijstand mogelijk waren ingetrokken vanwege onvoldoende re-integratie-effect. De Raad bevestigde dat appellant een duidelijke keuze moet maken tussen zelfstandige arbeid of arbeid in loondienst. Beroepen op het Innovatieprogramma Werk en Bijstand en de Reïntegratieverordening faalden, evenals het argument dat appellant medisch niet in staat zou zijn tot loondienst.
De Raad bevestigde de aangevallen uitspraak en zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Raad bevestigt de weigering van het College om appellant toestemming te geven zijn zelfstandige activiteiten van 25 uur per week voort te zetten met behoud van bijstand.