ECLI:NL:CRVB:2007:BA5871
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Beuker-Tilstra
- G.L.M.J. Stevens
- H.R. Geerling-Brouwer
- Rechtspraak.nl
Beoordeling grondslag WUV-uitkering voor Canadese general manager op basis van Nederlands vergelijkbaar inkomen
Appellant, een general manager van een papierfabriek in Canada, stelde beroep in tegen het besluit van de Raadskamer WUV waarin de grondslag van zijn WUV-uitkering werd vastgesteld. Hij betoogde dat gezien de omvang van zijn bedrijf, verantwoordelijkheden en inkomen de uitkering op een hoger bedrag had moeten worden vastgesteld, mede onderbouwd met rapportages van Bureau Berenschot en de Hay-Group.
De Raad oordeelde dat de door verweerster ingeschakelde MKB Adviseurs op basis van Nederlandse macro-economische en branchegegevens een vergelijkbaar inkomen van €57.000,- had vastgesteld, dat vervolgens werd gehalveerd vanwege de verliesgevende situatie van het bedrijf van appellant. De door appellant ingebrachte abstracte functiewaardering werd als onvoldoende relevant en te rooskleurig beoordeeld.
De Raad stelde vast dat de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945 bepaalt dat bij beroepsuitoefening buiten Nederland het meest vergelijkbare beroep in Nederland als maatstaf geldt, en dat het feitelijk genoten inkomen niet doorslaggevend is. De Raad vond de motivering en het onderzoek van verweerster toereikend en zag geen grond voor vernietiging van het besluit. Tevens wees de Raad een verzoek om proceskostenvergoeding af.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de grondslag van de WUV-uitkering wordt gehandhaafd op basis van het Nederlandse vergelijkbare inkomen.