ECLI:NL:CRVB:2007:AZ7166
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- J.W. Schuttel
- A.T. de Kwaasteniet
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WAZ-uitkering wegens nihil winst als zelfstandige
Appellante, een voormalig zelfstandige schoonheidsspecialiste, meldde zich arbeidsongeschikt wegens de spierziekte Mc Ardle met een arbeidsongeschiktheidspercentage van 45 tot 55%. Het UWV weigerde haar WAZ-uitkering omdat de grondslag voor de uitkering, gebaseerd op haar winst in de voorafgaande jaren, nihil was vastgesteld. Dit omdat zij in de refertejaren 1999, 2000 en 2001 alleen verlies had geleden.
Appellante voerde aan dat de afwezigheid van winst veroorzaakt werd door investeringen en problemen met haar verhuurder, waardoor zij financieel benadeeld was. De Raad oordeelde echter dat de wet- en regelgeving geen ruimte biedt om hiervan af te wijken en dat de hardheidsclausules niet van toepassing zijn omdat er geen feitelijke inkomensderving is.
De rechtbank had eerder het besluit vernietigd vanwege een onjuiste vaststelling van de mate van arbeidsongeschiktheid, maar handhaafde de ontzegging van de uitkering. De Centrale Raad bevestigt deze uitspraak en verklaart dat de grondslagvaststelling rechtens juist is, waardoor appellante geen recht heeft op de gevraagde WAZ-uitkering.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WAZ-uitkering wegens nihil winst in de refertejaren.