ECLI:NL:CRVB:2007:AZ7040
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing herhaalde aanvraag Ziektewet-uitkering wegens ontbreken nieuwe feiten
Appellant heeft bij het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) een herzieningsverzoek ingediend om een eerder genomen besluit uit 1988 te herzien en het recht op een Ziektewet-uitkering opnieuw vast te stellen. Het Uwv wees deze aanvraag af omdat het ingediende medisch rapport geen nieuwe feiten of omstandigheden bevatte.
Appellant maakte bezwaar tegen deze afwijzing, maar het bezwaar werd ongegrond verklaard. De rechtbank Zutphen bevestigde dit oordeel en toetste het besluit terughoudend, waarbij zij de bevindingen van de verzekeringsarts onderschreef.
In hoger beroep heeft appellant dezelfde grieven aangevoerd, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het medisch rapport van de zenuwarts weliswaar een andere zienswijze geeft, maar geen nieuwe feiten of omstandigheden bevat zoals vereist volgens artikel 4:6 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
De Raad bevestigt daarom het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank. Er is geen aanleiding om toepassing te geven aan artikel 8:75 Awb Pro. De aanvraag blijft afgewezen omdat het Uwv terecht gebruik heeft gemaakt van haar bevoegdheid om de aanvraag te weigeren op grond van het ontbreken van nieuwe feiten.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van de herhaalde aanvraag Ziektewet-uitkering wegens het ontbreken van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden.