ECLI:NL:CRVB:2007:AU6863
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- J.W. Schuttel
- A.T. de Kwaasteniet
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering na beoordeling medische grondslag en belastbaarheid
Appellant, werkzaam als straddlecarrier chauffeur, viel in oktober 2001 uit wegens hoofdpijnklachten. Op 30 augustus 2002 werd hij met ingang van 11 oktober 2002 in aanmerking gebracht voor een WAO-uitkering met een arbeidsongeschiktheidspercentage van 25 tot 35%. Appellant stelde bezwaar in tegen dit besluit vanwege ernstige hoofdpijn en psychische klachten, waaronder angst- en paniekaanvallen, die hem zouden beletten arbeid te verrichten.
De Raad liet appellant onderzoeken door een neuroloog en een psychiater. De neuroloog concludeerde dat er geen relevante neurologische afwijkingen waren en dat appellant in staat was de geselecteerde functies te verrichten. De psychiater stelde een aanpassingsstoornis vast, maar achtte de beperkingen passend bij het belastbaarheidspatroon. Ondanks nadere medische informatie en een herbeoordeling door de verzekeringsarts die tot volledige arbeidsongeschiktheid kwam, handhaafde de deskundige zijn eerdere conclusies.
De Raad volgde de onafhankelijke deskundigen en oordeelde dat de medische grondslag van het besluit juist was. De rechtbankuitspraak werd bevestigd en het bezwaar ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit tot herziening van de WAO-uitkering en verklaart het bezwaar ongegrond.