ECLI:NL:CRVB:2006:AZ5217
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.J.H. Doornewaard
- A.C.W. Ris-van Huussen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WAO-uitkering bij arbeidsongeschiktheid van minder dan 15%
Appellant heeft bij het UWV een WAO-uitkering aangevraagd, maar deze werd aanvankelijk geweigerd omdat hij na de wachttijd van 52 weken minder dan 15% arbeidsongeschikt was. Na bezwaar verklaarde het UWV het bezwaar gegrond en kende een WAO-uitkering toe vanaf 23 mei 2003, gebaseerd op een arbeidsongeschiktheid van 15-25%.
De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond. Appellant ging in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep, die het oordeel van de rechtbank overnam, zowel wat betreft de medische beoordeling als de vaststelling van het maatmaninkomen. De Raad vond geen aanleiding om het besluit te vernietigen of te wijzigen.
De Raad oordeelde dat de grieven van appellant onvoldoende waren om twijfel te zaaien over de zorgvuldigheid, motivering en juistheid van het besluit. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.