ECLI:NL:CRVB:2006:AZ3865
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.C. Schoemaker
- B.J. van der Net
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering onverschuldigde bijstandsuitkering wegens verzwegen gezamenlijke huishouding
Appellante ontving bijstand die het College van burgemeester en wethouders van Amstelveen later introk omdat zij sinds 1 januari 2002 samenwoonde met een partner, wat zij niet had gemeld. Het College besloot de onverschuldigd betaalde bijstand over de periode van 1 januari 2002 tot en met 31 oktober 2002 terug te vorderen.
Appellante maakte bezwaar tegen de intrekking en de terugvordering, maar deze werden ongegrond verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante eveneens ongegrond. In hoger beroep betwistte appellante de terugvordering, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het besluit tot intrekking onherroepelijk was en dat het College daarom gehouden was de bijstand terug te vorderen.
De Raad vond geen dringende redenen om geheel of gedeeltelijk van terugvordering af te zien. Alle grieven van appellante, die zich vooral richtten tegen het intrekkingsbesluit, konden daarom niet leiden tot vernietiging van het terugvorderingsbesluit. De aangevallen uitspraak werd bevestigd en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De terugvordering van onverschuldigde bijstand wordt bevestigd en het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.