ECLI:NL:CRVB:2006:AZ3639
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- G.L.M.J. Stevens
- C.G. Kasdorp
- W.D.M. van Diepenbeek
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herzieningsverzoek erkenning burgeroorlogsgetroffene op grond van ontbreken nieuwe feiten
Appellante diende in februari 1998 een aanvraag in voor erkenning als burgeroorlogsgetroffene met het oog op een periodieke uitkering, gebaseerd op haar ervaringen tijdens de Japanse bezetting en de Bersiap-periode in Nederlands-Indië. Deze aanvraag werd afgewezen omdat de genoemde gebeurtenissen niet als calamiteiten in de zin van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945 konden worden aangemerkt.
In september 2005 verzocht appellante opnieuw om erkenning, hetgeen werd opgevat als een verzoek tot herziening van de eerdere besluiten. Verweerster wees dit verzoek af omdat appellante geen nieuwe feiten of gegevens had aangevoerd die aanleiding zouden geven tot herziening. De Centrale Raad van Beroep bevestigt deze terughoudende toetsing en verklaart het beroep ongegrond.
De Raad benadrukt dat het op appellante rustte om tijdens de bezwaarprocedure tegen het eerdere besluit motiveringen aan te voeren, en dat klachten over gebrekkige motivering van het besluit van 1998 nu niet meer kunnen worden betrokken. De ruime beleidsvrijheid van verweerster bij herzieningsverzoeken betekent dat de Raad slechts terughoudend toetst. Het ontbreken van nieuwe relevante feiten leidt tot afwijzing van het verzoek.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt ongegrond verklaard wegens het ontbreken van nieuwe feiten die herziening rechtvaardigen.