ECLI:NL:CRVB:2006:AZ2488
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Beuker-Tilstra
- G.L.M.J. Stevens
- A.W.M. Bijloos
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering teveel betaalde WUV-uitkering wegens VUT-inkomsten
Appellant, een uitkeringsgerechtigde in het kader van de Wet uitkeringen vervolgingsslachtoffers 1940-1945 (WUV), kreeg in 2004 een voorlopige periodieke uitkering toegekend. Bij de definitieve berekening bleek dat de VUT-uitkering, die appellant sinds 1 oktober 2004 ontving, niet was meegenomen als inkomen, wat leidde tot een te hoge uitkering.
Verweerster corrigeerde dit met een negatieve bijstelling en vorderde het teveel betaalde bedrag van €1.421,61 terug. Appellant maakte bezwaar en verzocht om kwijtschelding, maar beide verzoeken werden afgewezen. Het bezwaar tegen de terugvordering werd als beroepschrift bij de Raad ingediend.
De Raad oordeelde dat de VUT-uitkering terecht werd aangemerkt als overige inkomsten die in mindering moeten worden gebracht op de WUV-uitkering. De definitieve vaststelling van de uitkering verplicht verweerster tot terugvordering van het teveel betaalde bedrag, ongeacht verwijtbaarheid van appellant. Het beroep werd ongegrond verklaard en geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het beroep tegen de terugvordering van €1.421,61 wegens te veel betaalde WUV-uitkering wordt ongegrond verklaard.