ECLI:NL:CRVB:2006:AZ2237
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- T.R.H. van Roekel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van afwijzing WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid na whiplash
Appellante, een rij-instructrice, viel uit wegens whiplashklachten na een auto-ongeval en vroeg een WAO-uitkering aan. Het Uwv besloot dat zij minder dan 15% arbeidsongeschikt was en derhalve geen recht had op uitkering. Dit besluit werd in bezwaar en door de rechtbank bevestigd.
Appellante voerde aan dat haar concentratieproblemen en moeheidsklachten onvoldoende waren meegewogen, waardoor zij niet geschikt zou zijn voor de voorgestelde functies. De Raad volgde echter de rechtbank en het Uwv, die op basis van medische gegevens oordeelden dat de beperkingen juist waren vastgesteld en de functies medisch geschikt waren.
De Raad vond geen aanleiding om het bestreden besluit te vernietigen of artikel 8:75 Awb Pro toe te passen en bevestigde de eerdere uitspraak. Hiermee blijft het besluit van het Uwv in stand dat appellante geen recht heeft op WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellante geen recht heeft op WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid.