ECLI:NL:CRVB:2006:AZ2236
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging WAO-uitkeringsbesluit na bezwaar en beroep over arbeidsongeschiktheidsschatting
Appellant heeft bezwaar gemaakt tegen het primaire besluit van het UWV om geen WAO-uitkering toe te kennen wegens een arbeidsongeschiktheid van minder dan 15%. Na bezwaar en een eerdere uitspraak van de rechtbank die het UWV opdroeg het bezwaar opnieuw te beoordelen, stelde het UWV opnieuw een arbeidsongeschiktheid van 15 tot 25% vast. De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond.
De Centrale Raad van Beroep overweegt dat de medische beoordeling reeds definitief is vastgesteld in de eerdere uitspraak van de rechtbank en dat appellant hiertegen geen hoger beroep heeft ingesteld. De Raad acht de functies waarop de arbeidsongeschiktheid is gebaseerd medisch passend en voldoende toegelicht, ook na aanvullend onderzoek door een bezwaarverzekeringsarts.
Appellants bezwaar dat de functies niet actueel zouden zijn, wordt verworpen omdat de gebruikte functieslijst identiek is aan die van het oorspronkelijke besluit en daarmee actueel en geschikt is voor de schatting op de datum in geschil. De Raad bevestigt daarom de aangevallen uitspraak en het bestreden besluit.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit dat appellant voor 15 tot 25% arbeidsongeschikt is en wijst het hoger beroep af.