ECLI:NL:CRVB:2006:AZ1591
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beslissing over arbeidsongeschiktheid minder dan 25 procent
Appellant is in hoger beroep gekomen tegen de uitspraak van de rechtbank Utrecht die het besluit van het UWV handhaafde dat appellant minder dan 25% arbeidsongeschikt is. Het geschil betreft de juiste beoordeling van de mate van arbeidsongeschiktheid, mede aan de hand van medische rapporten waaronder die van neuroloog Vermeulen en arbeidsdeskundigen.
De Raad heeft overwogen dat de beperkingen in hand- en vingergebruik en temperatuursgevoeligheid voldoende zijn meegenomen in het aangepaste belastbaarheidspatroon. Hoewel appellant meent dat er te beperkte rekening is gehouden met fijne motoriek en handvaardigheid, is dit volgens de Raad onvoldoende onderbouwd met medische gegevens. Het UWV erkende dat temperatuursbeperkingen niet volledig waren verwerkt, maar dit beïnvloedt de arbeidsongeschiktheidsschatting niet omdat de geschikte functies hier geen bijzondere omstandigheden voor kennen.
De arbeidsdeskundige rapporten zijn beoordeeld, waarbij de Raad concludeert dat de functies bankbediende en samensteller geschikt zijn en de berekening van het maatmaninkomen adequaat is aangepast. Het hoger beroep leidt niet tot een andere uitkomst dan dat appellant minder dan 25% arbeidsongeschikt is. De aangevallen uitspraak wordt bevestigd en er is geen grond voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellant minder dan 25% arbeidsongeschikt is en geen uitkering ontvangt.