ECLI:NL:CRVB:2006:AZ0626
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.R. Geerling-Brouwer
- Rechtspraak.nl
Verzet ongegrond wegens niet-ontvankelijkheid door termijnoverschrijding in socialezekerheidszaak
Appellant heeft beroep ingesteld tegen een besluit van de Pensioen- en Uitkeringsraad, maar dit beroep werd door de Raad niet-ontvankelijk verklaard vanwege overschrijding van de beroepstermijn. Appellant maakte bezwaar tegen deze niet-ontvankelijkverklaring door verzet aan te tekenen.
Tijdens de zitting van 24 augustus 2006 was appellant niet aanwezig. De Raad heeft overwogen dat het beroepschrift te laat was ingediend, namelijk op 14 november 2005, terwijl de beroepstermijn op 11 augustus 2005 was geëindigd. Appellant voerde aan dat het besluit te laat was overhandigd, maar de Raad vond geen reden om de termijnoverschrijding te verontschuldigen.
De Raad concludeerde dat appellant wel in staat was het beroepschrift tijdig op te stellen, maar niet tijdig te verzenden, wat onvoldoende is om de termijnoverschrijding te excuseren. Daarom werd het verzet ongegrond verklaard en bleef het beroep niet-ontvankelijk.
Uitkomst: Het verzet wordt ongegrond verklaard wegens niet tijdige indiening van het beroepschrift.