ECLI:NL:CRVB:2006:AY9820
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- C.P.M. van de Kerkhof
- N.J. Haverkamp
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering verhoging arbeidsongeschiktheidsuitkering wegens ontbreken toegenomen beperkingen
Appellant heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van het UWV om zijn arbeidsongeschiktheidsuitkering niet te verhogen per 19 mei 2004, ondanks zijn verklaring dat zijn arbeidsongeschiktheid per 21 april 2004 was toegenomen. De rechtbank heeft het bezwaar ongegrond verklaard en het medisch oordeel van de artsen van het UWV bevestigd dat er geen sprake was van toegenomen beperkingen op de datum in geding.
In hoger beroep heeft appellant gesteld dat zijn beperkingen door het UWV zijn onderschat en aangekondigd nadere gegevens te zullen aanleveren ter ondersteuning van zijn standpunt. De Centrale Raad van Beroep heeft echter vastgesteld dat appellant geen nieuwe gegevens heeft ingebracht die twijfel kunnen doen rijzen over het medisch oordeel van het UWV.
De Raad heeft het oordeel van de rechtbank bevestigd en overwogen dat een aanvullend arbeidsdeskundig onderzoek niet nodig is indien geen sprake is van toegenomen beperkingen voortkomend uit dezelfde oorzaak als de oorspronkelijke arbeidsongeschiktheid. De uitspraak bevestigt daarmee het bestreden besluit en het standpunt van het UWV.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van het UWV om de arbeidsongeschiktheidsuitkering te verhogen wegens het ontbreken van toegenomen arbeidsbeperkingen.