ECLI:NL:CRVB:2006:AY9195
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. van Leeuwen
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vrijstelling verzekeringsplicht volksverzekeringen niet in strijd met nationaal of internationaal recht
Appellante, een Duitse staatsburger woonachtig in Nederland, verzocht om vrijstelling van de verplichte verzekering ingevolge de Nederlandse volksverzekeringen op basis van haar Duitse Altersrente en een Versorgungsrente uit hoofde van een Duitse kerkelijke pensioenregeling (Kirchengesetz).
De Sociale verzekeringsbank (Svb) wees het verzoek af omdat de Versorgungsrente niet werd aangemerkt als een uitkering krachtens een wettelijke regeling in de zin van artikel 22 van Pro KB 746. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat het Kirchengesetz geen formele wettelijke regeling is, omdat het niet afkomstig is van de Duitse wetgevende instanties maar van een kerkelijke organisatie.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde dit oordeel en overwoog dat het Kirchengesetz slechts van toepassing is op een beperkte groep en niet de algemene Duitse wettelijke regeling vervangt. De Raad oordeelde verder dat het onderscheid in behandeling niet in strijd is met artikel 26 van Pro het Internationaal Verdrag inzake Burgerrechten en politieke rechten, noch met het gelijkheidsbeginsel van de Grondwet. Ook werd geoordeeld dat het besluit geen belemmering vormt van het vrije verkeer van werknemers of het vrije vestigingsrecht binnen de EU. De Raad wees het beroep af en bevestigde de aangevallen uitspraak.
Uitkomst: Het verzoek om vrijstelling van de verzekeringsplicht volksverzekeringen wordt afgewezen en de aangevallen uitspraak wordt bevestigd.