ECLI:NL:CRVB:2006:AY9043
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K. Zeilemaker
- Rechtspraak.nl
Beoordeling functiewaardering en zelfstandigheid van werkzaamheden bij Belastingdienst
Appellant, werkzaam bij de Belastingdienst, betwistte de indeling van zijn functie in schaal 10 na een functiewaarderingsonderzoek en bezwaarprocedure. Hij stelde dat zijn specifieke taakuitoefening als portefeuillehouder Personeel een hogere indeling in schaal 11 rechtvaardigt vanwege het zelfstandige karakter en het tijdsbeslag.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Raad volgde dit oordeel. De Raad benadrukte dat de rechterlijke toetsing terughoudend is en zich beperkt tot de vraag of de waardering onhoudbaar is. De typering van de functie was niet in geschil en de Raad concludeerde dat de Commissie van advies bezwaren functiewaardering (CABF) de specifieke taakuitoefening heeft betrokken in haar oordeel.
De Raad overwoog dat de werkzaamheden binnen wettelijke en beleidskaders plaatsvinden, waardoor de vrijheid van appellant beperkt is. Het niveau en zelfstandige karakter van de werkzaamheden rechtvaardigen geen hogere indeling. Ook het tijdsbeslag van gemiddeld 14 tot 16 uur per week was niet doorslaggevend. De Raad bevestigde daarom de eerdere uitspraak en wees een vergoeding van proceskosten af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de functiewaardering in schaal 10 en wijst het hoger beroep af.