ECLI:NL:CRVB:2006:AY8827
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens verlies aan belang bij AOW-ingangsdatum
Appellant stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam inzake de ingangsdatum van zijn AOW-pensioen. De Sociale verzekeringsbank (Svb) had aanvankelijk bepaald dat het pensioen inging vanaf juni 1997, terwijl appellant stelde dat dit vanaf januari 1997 moest zijn. Na heropening van het onderzoek heeft de Svb haar standpunt gewijzigd en erkend dat appellant recht heeft op AOW vanaf januari 1997, inclusief wettelijke rente over de nabetaling.
Omdat appellant zich kan verenigen met deze nieuwe beslissing en de toegezegde rente, is er geen geschil meer tussen partijen. De Raad ziet dan ook geen reden om inhoudelijk te oordelen over het hoger beroep. Tevens is geen verzoek tot vergoeding van proceskosten ingediend.
De Raad verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk wegens gebrek aan belang en bepaalt dat de Svb het betaalde griffierecht aan appellant vergoedt. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens verlies aan belang; griffierecht wordt vergoed.