ECLI:NL:CRVB:2006:AY7725
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van dagloonherberekening zonder rekening te houden met extra reisdagen en toeslagen
Appellant, voormalig werknemer bij Volvo Car B.V., verzocht om herziening van zijn WAO-dagloon omdat volgens hem onterecht geen rekening was gehouden met zes extra reisdagen, extra vakantiedagen, CAO-toeslag, TIN-toeslag, overwerktoeslag en de berekening van vakantietoeslag over bijgetelde vergoedingen.
Het UWV verhoogde het dagloon met terugwerkende kracht, maar wees de overige verzoeken af. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond. In hoger beroep herhaalde appellant zijn standpunten en voerde een rekenfout aan bij de CAO-verhoging per 1 januari 1989.
De Raad overwoog dat het terugkomen op een in rechte onaantastbaar besluit een bevoegdheid is die terughoudend wordt beoordeeld. Appellant leverde onvoldoende bewijs voor zijn stellingen, waaronder de vermeende rekenfout en het ontvangen van toeslagen. De Raad onderschreef de rechtbank dat het vaste maandloon niet wijzigt door het feit dat appellant minder dagen werkt dan collega’s. Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de eerdere uitspraak en wijst het hoger beroep af wegens onvoldoende bewijs voor de gevorderde toeslagen en extra reisdagen.