ECLI:NL:CRVB:2006:AY7617
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.C. Schoemaker
- B.J. van der Net
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van overuren bij berekening WW-dagloon internationaal chauffeur
Appellant, een internationaal vrachtwagenchauffeur, stelde dat bij de berekening van zijn WW-dagloon ten onrechte de overuren niet waren meegenomen. Het UWV had zijn dagloon vastgesteld zonder deze overuren mee te rekenen, omdat overwerk vooral voortkomt uit organisatorische en bedrijfseconomische redenen en niet inherent is aan de functie.
De rechtbank onderschreef het standpunt van het UWV en verwierp het bezwaar van appellant. In hoger beroep bevestigt de Centrale Raad van Beroep deze beoordeling. De Raad verwijst naar eerdere jurisprudentie waarin is bepaald dat de uren boven de 40 uur per week als overwerk moeten worden gekwalificeerd en op grond van de wettelijke bepalingen niet in het dagloon worden meegenomen.
Daarnaast merkt de Raad op dat het UWV geen beleidsvrijheid heeft om van deze regels af te wijken, zodat toepassing van de afwijkingsbevoegdheid uit de Algemene wet bestuursrecht niet aan de orde is. De aangevallen uitspraak wordt dan ook bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat overuren boven 40 uur per week terecht niet zijn meegenomen bij de berekening van het WW-dagloon.