ECLI:NL:CRVB:2006:AY7546
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. van Leeuwen
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Centrale Raad van Beroep over recht op tweevoudige kinderbijslag bij uitwonend onderwijs in Turkije
Appellante ontving kinderbijslag voor haar zoon Tamer, die in 2002 naar Turkije verhuisde om daar onderwijs te volgen. De Sociale verzekeringsbank (Svb) weigerde tweevoudige kinderbijslag omdat het onderwijs in Turkije niet voldeed aan het klokurenvereiste en omdat het uitwonend zijn niet primair met studie samenhing.
De Raad oordeelt dat een wezenlijk deel van de verhuizing samenhangt met het volgen van onderwijs, waarmee het causaal verband is aangetoond. De Svb had ten onrechte ook beoordeeld of hetzelfde onderwijs in Nederland gevolgd kon worden, wat niet relevant is voor het causaal verband.
Verder stelde de Raad vast dat appellante voor het eerste kwartaal van 2003 voldoende onderhoudsbijdragen had geleverd, maar niet voor het vierde kwartaal van 2002. Daarom vernietigt de Raad het besluit en de uitspraak voor het eerste kwartaal van 2003 en beveelt een nieuwe beslissing door de Svb. Voor het overige blijft de uitspraak in stand.
Uitkomst: Tweevoudige kinderbijslag wordt toegekend over het eerste kwartaal van 2003, met een nieuwe beslissing door de Sociale verzekeringsbank.