ECLI:NL:CRVB:2006:AY6422
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.C. Schoemaker
- B.J. van der Net
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid beroep wegens niet-verschoonbare termijnoverschrijding
Appellante stelde beroep in tegen een boetebesluit van het UWV, maar diende het beroepschrift niet binnen de wettelijk voorgeschreven termijn van zes weken in. De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding zonder verschoonbare reden.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt deze uitspraak en oordeelt dat de door appellante aangevoerde gronden geen verschoonbare reden vormen voor de overschrijding van de termijn zoals bedoeld in artikel 6:11 van Pro de Awb. De Raad sluit zich volledig aan bij de motivering van de rechtbank en ziet geen aanleiding tot een ander oordeel.
Het hoger beroep wordt verworpen en de uitspraak van de rechtbank blijft in stand. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 3 augustus 2006.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-verschoonbare termijnoverschrijding.