ECLI:NL:CRVB:2006:AY5584
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- M.C.M. van Laar
- O.J.D.M.L. Jansen
- Rechtspraak.nl
Vaststelling arbeidsongeschiktheid en vernietiging besluit wegens onjuiste arbeidskundige grondslag
Appellant, werkzaam als heftruckchauffeur, meldde zich ziek na een auto-ongeval met diverse pijnklachten. Het UWV kende hem een WAO-uitkering toe op basis van een arbeidsongeschiktheid van 35 tot 45%. Appellant maakte bezwaar tegen de vaststelling van de arbeidsongeschiktheid en het dagloon.
De rechtbank oordeelde dat de medische beperkingen juist waren vastgesteld, maar vernietigde het besluit over het dagloon omdat het UWV het structurele overwerk niet had meegenomen. In hoger beroep bevestigde de Raad dat de medische beoordeling toereikend was, maar stelde vast dat de arbeidskundige onderbouwing onjuist was omdat slechts twee functies overbleven in plaats van drie, en één functie de belastbaarheid overschreed.
De Raad vernietigde daarom het besluit over de arbeidsongeschiktheid en bepaalde dat het UWV een nieuw besluit op bezwaar moet nemen, met aandacht voor de juiste berekening van het maatmanloon en dagloon. Het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen, maar het UWV werd veroordeeld in de proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het besluit over de arbeidsongeschiktheid wordt vernietigd wegens onjuiste arbeidskundige grondslag en het UWV moet een nieuw besluit nemen.