ECLI:NL:CRVB:2006:AX9169
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Bevestiging WAO-uitkering van 25-35% ondanks bezwaar over arbeidsongeschiktheidsklasse
Appellante, voormalig ziekenverzorgende, meldde zich ziek met rugklachten en kreeg een WAO-uitkering toegekend van 25-35% arbeidsongeschiktheid. Na bezwaar en herbeoordeling door artsen en arbeidsdeskundigen handhaafde het Uwv het besluit. Appellante stelde dat zij in een hogere arbeidsongeschiktheidsklasse moest worden ingedeeld vanwege haar lichamelijke omstandigheden.
De Centrale Raad van Beroep heeft het verzoek om uitstel van behandeling afgewezen omdat appellante niet tijdig om uitstel had gevraagd en niet was verschenen bij de zitting. De Raad vond geen aanwijzingen dat de medische en arbeidskundige grondslagen onjuist waren vastgesteld. Met name de beperkingen aan de linkerhand en het staan werden beoordeeld aan de hand van beschikbare medische rapporten en arbeidsmogelijkhedenlijsten.
De Raad concludeerde dat het bestreden besluit in stand kon blijven en bevestigde de uitspraak van de rechtbank Amsterdam die het beroep ongegrond verklaarde. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan op 13 juni 2006 door C.W.J. Schoor.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit tot toekenning van een WAO-uitkering van 25-35%.