ECLI:NL:CRVB:2006:AX6470
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.G. Kasdorp
- G.L.M.J. Stevens
- H.R. Geerling-Brouwer
- Rechtspraak.nl
Weigering erkenning als burgeroorlogsgetroffene wegens ontbreken blijvende invaliditeit
Appellante, geboren in 1937 in het voormalige Nederlands-Indië, verzocht om erkenning als burgeroorlogsgetroffene op grond van lichamelijke en psychische klachten die zij toeschrijft aan haar internering tijdens de Bersiap-periode. De geneeskundig adviseur van verweerster concludeerde dat er geen verband bestaat tussen haar lichamelijke klachten en de oorlogsomstandigheden, en dat haar psychische klachten slechts lichte beperkingen veroorzaken zonder blijvende invaliditeit.
Verweerster wees de aanvraag af omdat appellante niet voldeed aan het criterium van blijvende invaliditeit door oorlogsletsel. Appellante voerde aan dat het onderzoek onvoldoende inzicht gaf in haar psychische problematiek en dat haar nekklachten verband houden met het sjouwen in het kamp. De Raad oordeelde dat er geen aanwijzingen waren voor een psychiatrisch onderzoek en dat de medische gegevens onvoldoende waren om het oordeel van verweerster te betwijfelen.
De Raad stelde vast dat de nekklachten pas jaren later werden gemeld en dat medische beelden geen afwijkingen toonden die verband houden met het kampverblijf. Daarom verklaarde de Raad het beroep ongegrond en handhaafde de weigering tot erkenning als burgeroorlogsgetroffene.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard wegens het ontbreken van blijvende invaliditeit door oorlogsletsel.