ECLI:NL:CRVB:2006:AX1651
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- R. Kooper
- K.J. Kraan
- Rechtspraak.nl
Zorgplicht werkgever bij pesten op het werk en arbeidsongeschiktheid
Appellant, werkzaam bij de politie sinds 1977, viel in 1998 uit wegens psychische klachten en werd in 2001 eervol ontslagen wegens arbeidsongeschiktheid. Hij vorderde aanvullende voorzieningen en schadeloosstelling omdat hij stelde dat zijn arbeidsongeschiktheid het gevolg was van jarenlang intensief en stelselmatig pestgedrag door collega’s, waartegen de werkgever onvoldoende optrad.
De Raad stelde vast dat appellant inderdaad psychische aandoeningen heeft die hem blijvend arbeidsongeschikt maken en dat de werkgever bevoegd was tot ontslag. Het geschil betrof de vraag of de werkgever aanvullende voorzieningen mocht weigeren. De Raad achtte aannemelijk dat appellant werd blootgesteld aan buitensporige werkomstandigheden door het pestgedrag, en dat de werkgever zijn zorgplicht had verzaakt door niet doortastend op te treden.
De Raad verwierp het tegenbewijs van de werkgever dat andere factoren de klachten veroorzaakten, omdat de medische rapporten het werk als mogelijke oorzaak erkennen. De eerdere uitspraak en besluiten werden vernietigd, en de werkgever werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en het nemen van nieuwe besluiten.
Uitkomst: De werkgever heeft zijn zorgplicht verzaakt door onvoldoende op te treden tegen pesten, waardoor de arbeidsongeschiktheid van appellant door werkgerelateerde psychische klachten is veroorzaakt.