ECLI:NL:CRVB:2006:AW4592
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- R. Kooper
- A.A.M. Mollee
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit beoordeling ambtenaar Koninklijke Bibliotheek wegens onvoldoende gronden
Appellant, werkzaam als Vakreferent/Wetenschappelijk medewerker bij de Koninklijke Bibliotheek, kreeg een negatieve beoordeling over de periode november 1999 tot november 2001. Het Bestuurscollege stelde deze beoordeling vast en verklaarde het bezwaar van appellant ongegrond. De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit eveneens ongegrond.
In hoger beroep oordeelt de Raad dat het Bestuurscollege een belang heeft bij het vaststellen van beoordelingen, ook bij functieverval. De toetsing van het bezwaar was volledig, ondanks een onjuiste karakterisering van de toetsingsbevoegdheid door de adviescommissie. Het Bestuurscollege mocht terecht weigeren een collega als informant aan te wijzen die werkzaamheden op een ander vakgebied verrichtte.
De Raad stelt echter vast dat de negatieve beoordeling op het aspect kwantiteit onvoldoende is onderbouwd. Het aantal ontsloten internetbronnen door appellant is mogelijk hoger dan het Bestuurscollege stelde, en het beoordelingssysteem lijkt niet sluitend. Daarnaast ontbreken gegevens over de werkvoorraad en ontsloten publicaties, waardoor niet kan worden vastgesteld dat appellant niet aan de norm voldeed. Daarom berust de toekenning van een onvoldoende beoordeling op kwantiteit op onvoldoende gronden.
De Raad vernietigt het bestreden besluit en de aangevallen uitspraak en beveelt het Bestuurscollege een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de overwegingen. Tevens veroordeelt de Raad het Bestuurscollege in de proceskosten en bepaalt vergoeding van griffierechten.
Uitkomst: Het besluit van het Bestuurscollege wordt vernietigd en een nieuw besluit wordt bevolen.