ECLI:NL:CRVB:2006:AV3923
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- L. Jörg
- Rechtspraak.nl
Geen bijzondere bijstand voor schade door vogelmijtplaag en onvakkundige bestrijding
Appellante vroeg bijzondere bijstand aan wegens schade aan haar woning, inboedel en kleding veroorzaakt door een vogelmijtplaag en mogelijk onvakkundige bestrijding door derden. Het College van burgemeester en wethouders van Amsterdam wees deze aanvraag af omdat dergelijke schade niet tot de noodzakelijke kosten van het bestaan wordt gerekend volgens artikel 16 van Pro de Algemene bijstandswet (Abw).
De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond, en de Centrale Raad van Beroep bevestigt deze uitspraak. De Raad benadrukt dat de wetgever met artikel 16 een Pro duidelijke grens trekt tussen collectieve en private verantwoordelijkheid, waarbij schadekosten niet onder de Abw vallen. Dit geldt ook in dringende gevallen, en afwijking van deze regel is niet toegestaan.
Het beroep op een eerdere uitspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State faalt omdat die betrekking had op een andere situatie en een oudere wet. De Raad ziet geen aanleiding voor proceskostenveroordeling en bevestigt de afwijzing van de bijzondere bijstand.
Uitkomst: De aanvraag voor bijzondere bijstand wegens schade door vogelmijtplaag wordt afgewezen en de eerdere uitspraak bevestigd.