ECLI:NL:CRVB:2006:AV2099
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.C. Schoemaker
- G. van der Wiel
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- Rechtspraak.nl
Vaststelling boetes op grond van onjuiste loonopgave conform Coördinatiewet Sociale Verzekering
De zaak betreft het hoger beroep van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) tegen een uitspraak van de rechtbank Almelo die een besluit tot het opleggen van boetes aan gedaagde vernietigde. De boetes waren opgelegd vanwege onjuiste loonopgave over de jaren 1999 tot en met 2001, waarbij sprake was van onjuiste toepassing van de carpoolregeling en bovenmatige onkostenvergoedingen.
De rechtbank had het besluit vernietigd omdat niet was meegewogen dat reeds fiscale boetes waren opgelegd voor dezelfde gedragingen. De Centrale Raad van Beroep oordeelt echter dat de boetes terecht zijn opgelegd op grond van artikel 12 van Pro de Coördinatiewet Sociale Verzekering en dat de fiscale boetes en de boetes op grond van de CSV betrekking hebben op verschillende feiten, ondanks dat ze voortvloeien uit hetzelfde feitencomplex.
De Raad bevestigt dat de boetes terecht zijn vastgesteld op 25% van de verschuldigde premie wegens grove schuld van gedaagde en vernietigt de uitspraak van de rechtbank. Het beroep van Uwv wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep vernietigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het beroep van het Uwv ongegrond.