ECLI:NL:CRVB:2006:AV1982
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- N.J. Haverkamp
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van WAO-uitkering na medische en arbeidskundige herbeoordeling
Appellant, voormalig loodsmedewerker, werd arbeidsongeschikt verklaard met een aanvankelijke WAO-uitkering van 80-100%. Na een herbeoordeling door het UWV werd de uitkering ingetrokken vanwege een daling van de arbeidsongeschiktheid tot onder 15%, wat later bij bezwaar werd bijgesteld naar 15-25%.
De rechtbank verklaarde het bezwaar ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde. In hoger beroep werd een aanvullende medische expertise uitgevoerd door orthopedisch chirurg Van der Schaaf, die de eerdere medische beoordeling bevestigde en concludeerde dat appellant op de peildatum in staat was tot passend werk.
De Raad oordeelde dat de medische en arbeidskundige gronden van het besluit aanvaardbaar zijn, ondanks de door appellant aangevoerde kritiek op de medische onderbouwing. Er waren geen gebreken in het besluit en geen aanleiding voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde daarom het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, waarmee de mate van arbeidsongeschiktheid tussen 15 en 25% werd gehandhaafd en de WAO-uitkering dienovereenkomstig werd aangepast.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit tot vaststelling van de arbeidsongeschiktheid op 15 tot 25% en handhaving van de aangepaste WAO-uitkering.