ECLI:NL:CRVB:2006:AU9338
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- C.W.J. Schoor
- C.P.M. van de Kerkhof
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit arbeidsongeschiktheid met instandhouding rechtsgevolgen
Appellant stelde beroep in tegen het besluit van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) waarin zijn arbeidsongeschiktheid werd vastgesteld tussen 15 en 25%. De rechtbank had het besluit bevestigd, maar appellant voerde aan dat de belastbaarheid onjuist was vastgesteld.
De Raad beoordeelde het medische bewijs, waaronder een medisch getuigschrift van een psychiater-neuroloog en de reactie daarop van een bezwaarverzekeringsarts, en achtte het bewijs van appellant onvoldoende overtuigend. De arbeidskundige beoordeling, gebaseerd op de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) en het Claimbeoordelings- en Borgingssysteem (CBBS), werd uitvoerig toegelicht door gedaagde en niet weersproken door appellant.
De Raad oordeelde dat hoewel het bestreden besluit onvoldoende was onderbouwd, de ontbrekende motivering tijdens de procedure alsnog was gegeven. Daarom werd het besluit vernietigd, maar de rechtsgevolgen bleven gehandhaafd conform artikel 8:72, derde lid, Awb. Tevens werd gedaagde veroordeeld in de proceskosten van appellant in eerste aanleg en hoger beroep.
Uitkomst: Het besluit over de mate van arbeidsongeschiktheid wordt vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.