ECLI:NL:CRVB:2005:AX2455
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- K. Zeilemaker
- K.J. Kraan
- Rechtspraak.nl
Ontslag politieambtenaar wegens zeer ernstig plichtsverzuim en frauduleuze handelingen
Appellant, sinds 1964 in dienst bij de politie, had als inspecteur contact met een dementerende weduwnaar (V) en verzorgde diens financiële administratie. Na beëindiging van het contact in 1998 werd in 2000 een klacht en aangifte wegens mogelijk frauduleus handelen ingediend. De Rijksrecherche voerde een uitgebreid onderzoek uit, waarna appellant in 2001 werd aangehouden en bekentenissen aflegde.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen het ontslagbesluit ongegrond. Vast stond dat appellant de vereiste afstand niet hield, schenkingen aanvaardde die niet in verhouding stonden tot zijn werkzaamheden, geld achterhield en bankbiljetten ontvreemdde. Dit werd aangemerkt als zeer ernstig plichtsverzuim, mede vanwege zijn ambtspositie.
De Raad onderschrijft dit oordeel en wijst de latere ontkenning van appellant af, mede omdat hij strafrechtelijk is veroordeeld voor oplichting en diefstal. Zelfs bij alleen de toegegeven schenkingen is sprake van ernstige schending van ambtelijke verplichtingen. Het ontslag is niet onevenredig, ondanks zijn lange staat van dienst en verslechterde gezondheid. De Raad bevestigt het ontslagbesluit en wijst een verzoek om proceskostenvergoeding af.
Uitkomst: Het ontslag van appellant wegens zeer ernstig plichtsverzuim en misbruik van ambt wordt bevestigd.