ECLI:NL:CRVB:2005:AU6422
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- G. van der Wiel
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Beoordeling gedifferentieerde premie WAO-uitkering en ongeschiktheid werknemer voor eigen werk
In deze zaak staat centraal of bij de vaststelling van de gedifferentieerde premie voor het jaar 2000 de aan een werknemer in 1998 toegekende WAO-uitkering terecht in aanmerking mocht worden genomen. Appellante betwistte dat de werknemer ongeschikt was voor zijn eigen werk, maar kon dit niet aannemelijk maken met aanvullende medische of arbeidskundige gegevens.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond en ook in hoger beroep oordeelde de Centrale Raad van Beroep dat de vastgestelde beperkingen en ongeschiktheid van de werknemer voor zijn maatmanfunctie gegrond waren. De Raad vond dat de arbeidskundige rapporten elkaar aanvulden en dat appellante onvoldoende had aangetoond dat de gegevens onjuist waren.
Daarnaast werd het beroep op schending van de hoorplicht verworpen, mede vanwege het afwijkende artikel 87a van de WAO. De Raad concludeerde dat de gedifferentieerde premie terecht was vastgesteld op basis van de WAO-uitkering en bevestigde het bestreden besluit. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en het besluit tot vaststelling van de gedifferentieerde premie WAO voor 2000 wordt bevestigd.