ECLI:NL:CRVB:2005:AU4350
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- Rechtspraak.nl
Ontvankelijkheid beroep bij niet-aangetekende verzending bestuursbesluiten
Appellant stelde beroep in tegen besluiten van 5 augustus 2003, die volgens hem pas op 20 september 2003 waren ontvangen. De rechtbank Arnhem verklaarde het beroep niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de beroepstermijn van zes weken, omdat zij aannam dat de besluiten op 5 augustus 2003 waren verzonden en ontvangen.
In hoger beroep benadrukte appellant dat de besluiten niet aangetekend waren verzonden en dat hij ze pas op 20 september 2003 ontving. Gedaagden stelden dat de verzending volgens bestendig gebruik was verlopen en dat aangetekende verzending kostentechnisch niet wenselijk was.
De Raad oordeelde dat het bewijs van tijdige verzending onvoldoende was, omdat alleen een uitdraai van een intern computersysteem en een beschrijving van bestendig gebruik waren overgelegd. Er was geen sluitend bewijs dat de besluiten daadwerkelijk op 5 augustus 2003 waren verzonden. De geloofwaardigheid van appellants stelling dat hij de besluiten pas op 20 september 2003 ontving, werd niet betwist.
Daarom begon de beroepstermijn later dan door de rechtbank aangenomen, en was het beroep tijdig ingediend. De Raad vernietigde het vonnis van de rechtbank, verklaarde het beroep ontvankelijk en verwees de zaak terug voor inhoudelijke behandeling. Tevens werd het betaalde griffierecht aan appellant vergoed.
Uitkomst: Het beroep is ontvankelijk verklaard en de zaak is terugverwezen naar de rechtbank voor verdere behandeling.