ECLI:NL:CRVB:2005:AU1863
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- J.W. Schuttel
- N.J. Haverkamp
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering ondanks betwisting medische beoordeling en aanzeggingstermijn
Appellant stelde zich op het standpunt dat zijn beperkingen door rugklachten onjuist waren gewaardeerd, mede vanwege vermeende onzorgvuldigheid in het medisch onderzoek en het ontbreken van een scan en aanmelding bij het Rug Advies Centrum. Tevens voerde hij aan dat de functies waarop de beoordeling was gebaseerd ongeschikt waren en dat de verlaging van zijn uitkering niet met een correcte termijn was aangezegd.
De Raad overwoog dat het medisch onderzoek actueel en zorgvuldig was, met onder meer onderzoeken door verzekeringsartsen en informatie van de huisarts en orthopedisch chirurg. Er was geen aanleiding voor nader deskundigenonderzoek. De functies waarop de beoordeling was gebaseerd, bleken passend binnen de vastgestelde belastbaarheid, ook wat betreft het zitten.
Ten aanzien van de aanzegging was appellant niet in staat gebleken om aan te tonen dat de brief van de arbeidsdeskundige niet als toereikende schriftelijke aanzegging kon worden beschouwd. De Raad bevestigde daarom het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, en wees het beroep ongegrond.
Uitkomst: De herziening van de WAO-uitkering naar 65-80% arbeidsongeschiktheid wordt bevestigd en het beroep ongegrond verklaard.