ECLI:NL:CRVB:2005:AU1052
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- A. Beuker-Tilstra
- K. Zeilemaker
- Rechtspraak.nl
Herplaatsingsonderzoek bij ontslag wegens arbeidsongeschiktheid gemeente Bodegraven
Gedaagde was werkzaam bij de gemeente Bodegraven en viel uit met spanningsklachten die verband hielden met de werkomstandigheden. Na mislukte reïntegratiepogingen en een functieongeschiktheidsadvies verleende de gemeente ontslag wegens arbeidsongeschiktheid met ingang van 2 oktober 2001.
De rechtbank vernietigde het ontslagbesluit omdat de gemeente onvoldoende had aangetoond dat een zorgvuldig herplaatsingsonderzoek had plaatsgevonden. In hoger beroep stelde de gemeente dat het onderzoek wel degelijk was uitgevoerd, waarbij rekening was gehouden met de specifieke omstandigheden van gedaagde, waaronder angstklachten en werkhervatting buiten de gemeentelijke dienst.
De Raad oordeelt dat gezien de ziekte-uitval en omstandigheden het herplaatsingsonderzoek adequaat was. De gemeente hoefde niet actief te zoeken naar andere functies tijdens de periode dat gedaagde arbeidstherapeutisch werkzaam was bij een andere gemeente. De Raad acht het ontslagbesluit daarom terecht en verklaart het beroep ongegrond.
Daarnaast oordeelt de Raad dat het lange wachten op een beslissing op bezwaar niet leidde tot bevoegdheidsverlies van de gemeente en dat gedaagde niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij onevenredig in zijn belangen is geschaad door het ontslag.
De Raad vernietigt het vonnis van de rechtbank en doet zelf de finale beslissing in deze zaak.
Uitkomst: Het beroep van de gemeente Bodegraven wordt ongegrond verklaard en het ontslagbesluit blijft in stand.