ECLI:NL:CRVB:2005:AU0518
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.Th. Wolleswinkel
- K. Zeilemaker
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Vernietiging terugvorderingsbesluit te veel betaald wachtgeld wegens onvoldoende motivering
Appellant, een voormalig sergeant-majoor, kreeg vanaf 1 januari 1995 wachtgeld toegekend. De Staatssecretaris van Defensie vorderde in 2001 bedragen terug die te veel aan appellant waren betaald over verschillende perioden. De rechtbank verklaarde de beroepen ongegrond. In hoger beroep richt appellant zich op de terugvorderingen over oktober-december 2000 en januari-juli 2001, waarbij hij onduidelijkheden aanvoert over de berekening en verrekening van de bedragen.
De Raad oordeelt dat de terugvordering over oktober-december 2000 voldoende is toegelicht en niet gemotiveerd is betwist, zodat deze stand houdt. De terugvordering over januari-juli 2001 is echter onvoldoende gemotiveerd; het is onduidelijk op welke schuld de terugvordering betrekking heeft en welke bedragen zijn verrekend. Dit leidt tot vernietiging van het bestreden besluit en het oordeel van de rechtbank op dit punt.
De Raad beveelt dat de Staatssecretaris een nieuw besluit op bezwaar neemt met inachtneming van de overwegingen. Tevens veroordeelt de Raad de Staat tot vergoeding van proceskosten en griffierechten aan appellant.
Uitkomst: Het bestreden besluit van 5 juni 2002 wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering en een nieuw besluit op bezwaar wordt bevolen.