ECLI:NL:CRVB:2005:AU0301
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- R.C. Schoemaker
- G. van der Wiel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging premieheffing sociale werknemersverzekeringen over niet-gewerkte maar betaalde loondagen
In deze zaak staat de uitleg van het begrip 'loondagen' in artikel 9 van Pro de Coördinatiewet Sociale Verzekering (CSV) centraal. Appellante betwistte dat zij premies verschuldigd is over dagen waarop haar werknemers niet hebben gewerkt, maar wel loon ontvingen, zoals vakantiedagen, ADV-dagen en ziektedagen.
De Raad overweegt dat het begrip loondagen niet beperkt kan worden tot dagen waarop daadwerkelijk arbeid is verricht. Dit volgt uit de tekst van artikel 9 CSV Pro en de systematiek van de premieheffing, waarbij ook dagen waarop op grond van het Burgerlijk Wetboek of cao-afspraken loon wordt betaald zonder dat arbeid is verricht, als loondagen moeten worden beschouwd. De Raad verwijst naar de regeling van 3 februari 2004 die dit begrip verduidelijkt en met terugwerkende kracht toepast.
Verder bevestigt de Raad dat werknemers in ploegendienst die een patroon van veertien dagen werken en veertien dagen niet werken volgen, geacht worden over vier weken twintig loondagen te hebben, conform artikel 9 CSV Pro en de nadere regels. De eerdere uitspraak van 31 mei 2001 ziet op een specifieke offshore situatie en is niet van toepassing op de onderhavige casus.
De Centrale Raad van Beroep verklaart het hoger beroep ongegrond en bevestigt het besluit van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen dat de premies over de niet-gewerkte maar betaalde loondagen terecht zijn vastgesteld.
Uitkomst: De premieheffing over niet-gewerkte maar betaalde loondagen wordt bevestigd en het hoger beroep van appellante wordt ongegrond verklaard.