ECLI:NL:CRVB:2005:AT8368
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- C.W.J. Schoor
- H.G. Lubberdink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WAO-uitkering en terugvordering voorschotten aan schoenverkoopster met schouderklachten
Appellante, een schoenverkoopster met klachten aan de rechterschouder en psychische klachten, werd geweigerd een WAO-uitkering toe te kennen. De medische onderzoeken concludeerden dat haar beperkingen niet zodanig waren dat zij recht had op een uitkering. Zowel de rechtbank als de Centrale Raad van Beroep bevestigden deze beoordeling.
Daarnaast werd appellante geconfronteerd met een terugvordering van €7.907,93 aan onverschuldigd ontvangen WAO-voorschotten over de periode van 23 september 1999 tot 1 oktober 2000. De Raad oordeelde dat appellante onvoldoende gebruik heeft gemaakt van de mogelijkheid om een WW- of bijstandsuitkering aan te vragen en dat er geen dringende redenen zijn om van terugvordering af te zien.
De Raad benadrukte dat de terugvordering geen onaanvaardbare financiële of sociale gevolgen voor appellante oplevert en dat het verzoek om gedeeltelijke kwijtschelding niet aan de orde is omdat het besluit geen invorderingsbeslissing bevat. Hiermee werden de eerdere uitspraken van de rechtbank bevestigd en het hoger beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WAO-uitkering en de terugvordering van voorschotten aan appellante.