ECLI:NL:CRVB:2005:AT8082
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging WAZ-uitkeringsbesluit wegens procedureel gebrek zonder wijziging rechtsgevolgen
Appellant, directeur van een wapen- en sportartikelenzaak, vroeg een WAZ-uitkering aan wegens arbeidsongeschiktheid sinds april 1999. Na medisch onderzoek door verzekeringsartsen werd geconcludeerd dat appellant niet arbeidsongeschikt was voor zijn eigen werk en dat de wachttijd van 52 weken niet was doorlopen.
Het UWV wees de aanvraag af en verklaarde het bezwaar ongegrond. De rechtbank vernietigde het besluit vanwege het ontbreken van een tweede hoorzitting na het arbeidskundig rapport, maar liet de rechtsgevolgen van het besluit in stand.
In hoger beroep voerde appellant aan dat het medisch onderzoek onvoldoende was en dat een arbeidskundig onderzoek conform het Schattingsbesluit had moeten plaatsvinden. De Centrale Raad oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was, dat er geen noodzaak was tot aanvullend onderzoek, en dat de arbeidskundig rapportage de conclusie van onvoldoende arbeidsongeschiktheid bevestigde.
De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank, waarbij het besluit werd vernietigd wegens procedureel gebrek, maar de rechtsgevolgen gehandhaafd bleven omdat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij 52 weken onafgebroken arbeidsongeschikt was geweest.
Uitkomst: De Centrale Raad bevestigt de vernietiging van het besluit wegens procedureel gebrek, maar handhaaft de rechtsgevolgen omdat appellant niet voldeed aan de 52 weken arbeidsongeschiktheid.