ECLI:NL:CRVB:2005:AT7939
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- Rechtspraak.nl
Herziening bijstandsuitkering en terugvordering wegens verzwegen inkomsten uit handel
Appellanten ontvingen bijstand op grond van de Algemene bijstandswet (Abw) vanaf 19 september 1996. Uit onderzoek van de Sociale Recherche Gemeente Roermond bleek dat appellant tussen 1 maart 1997 en 28 februari 2002 inkomsten had uit de verkoop van diverse goederen, zonder deze volledig te melden. Gedaagde herzag daarom het recht op bijstand en trok dit met terugwerkende kracht in.
De rechtbank verklaarde het bezwaar van appellanten ongegrond, stellende dat zij de inlichtingenplicht hadden geschonden. Appellanten gingen in hoger beroep en betwistten de bevindingen. De Raad bevestigde dat appellant intensief handelde en inkomsten verwierf, maar vond onvoldoende feitelijke grondslag voor de hoogte van de inkomsten en vernietigde het besluit van 21 januari 2003.
De Raad handhaafde echter de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit op grond van artikel 8:72, derde lid, Awb. Het beroep op dringende redenen werd verworpen omdat psychische klachten niet direct het gevolg waren van het herzieningsbesluit. De gemeente Roermond werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van appellanten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot herziening van de bijstandsuitkering wordt vernietigd, met in standhouding van de rechtsgevolgen en veroordeling van de gemeente in proceskosten.