ECLI:NL:CRVB:2005:AT7643
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- D.J. van der Vos
- G.J.H. Doornewaard
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen weigering WAZ-uitkering wegens onjuiste functietoedeling en winsttoedeling
Appellant, een zelfstandig tekenaar, werd door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) de WAZ-uitkering geweigerd omdat hij minder dan 25% arbeidsongeschikt zou zijn. De beoordeling was gebaseerd op medische en arbeidskundige rapportages waarin functies werden geselecteerd die appellant zou kunnen vervullen. De Raad constateerde echter dat niet alle functies geschikt waren, onder meer vanwege diploma-eisen en de noodzaak tot autorijden, wat door appellant niet mogelijk werd geacht.
De Raad oordeelde dat de schatting van de arbeidsongeschiktheid was gebaseerd op onvoldoende geschikte functies en dat de medische beoordeling onvoldoende rekening hield met de feitelijke beperkingen van appellant. Daarnaast was de winst uit de onderneming onjuist toegedeeld tussen appellant en zijn echtgenote, maar de Raad volgde de fiscale toedeling.
Gelet op deze onjuistheden vernietigde de Raad het bestreden besluit en bepaalde dat het Uwv een nieuwe beslissing moet nemen, waarbij rekening wordt gehouden met de juiste geschiktheid van functies en correcte winsttoedeling. Tevens werden de proceskosten en griffierechten aan appellant vergoed.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en het Uwv moet een nieuwe beslissing nemen met correcte functietoedeling en winsttoedeling.