ECLI:NL:CRVB:2005:AT6825
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- J.W. Schuttel
- O.J.D.M.L. Jansen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit UWV over arbeidsongeschiktheidsuitkering wegens onzorgvuldige procedure
Appellante, werkzaam als onderwijskracht allochtone levende talen, werd op 30 oktober 2000 arbeidsongeschikt door psychische en rugklachten. Het UWV weigerde op 19 november 2001 een WAO-uitkering toe te kennen, omdat zij minder dan 15% arbeidsongeschikt zou zijn. Zowel medische als arbeidskundige onderzoeken concludeerden dat zij geschikt was voor haar maatmanfunctie. Appellante maakte bezwaar, maar het bezwaar werd ongegrond verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit eveneens ongegrond.
In hoger beroep stelt appellante dat het medisch en arbeidskundig onderzoek niet zorgvuldig is geweest en dat zij niet geschikt is voor haar functie. De Raad constateert dat het UWV de oordelen van de verzekeringsarts en arbeidsdeskundige niet ter heroverweging heeft voorgelegd aan een bezwaarverzekeringsarts en bezwaararbeidsdeskundige, wat strijdig is met het interne Reglement en de vereiste zorgvuldigheid.
Daarnaast heeft het UWV zonder uitdrukkelijke toestemming van appellante afgezien van het horen, wat in strijd is met artikel 7:3 Awb Pro. De Raad vernietigt daarom het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, en gelast het UWV een nieuw besluit op bezwaar te nemen met inachtneming van de overwegingen in deze uitspraak. Tevens veroordeelt de Raad het UWV tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht.
Uitkomst: Het besluit van het UWV wordt vernietigd wegens onzorgvuldige procedure en een nieuw besluit op bezwaar wordt gelast.