ECLI:NL:CRVB:2005:AT6807
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- J.Th. Wolleswinkel
- F.A.M. Stroink
- Rechtspraak.nl
Beëindiging tijdelijke aanstelling beleidsmedewerker politie en schadevergoeding
Gedaagde was tijdelijk aangesteld als beleidsmedewerker politie op grond van artikel 4, eerste lid, onder c, van het Besluit algemene rechtspositie politie (Barp). Na een verlengingsvoorstel dat berustte op een onjuiste veronderstelling over de aard van de aanstelling, werd de tijdelijke aanstelling niet verlengd vanwege een incident waarbij gedaagde probeerde toegang te krijgen tot een computer.
De rechtbank vernietigde het besluit tot beëindiging van de aanstelling en oordeelde dat sprake was van een proeftijdaanstelling en een onterechte buitenfunctiestelling. De Raad stelt echter vast dat de grondslag van de aanstelling niet wijzigt door de verkeerde veronderstelling en dat de buitenfunctiestelling niet aannemelijk is.
De Raad oordeelt dat het incident onvoldoende aanleiding gaf om de verlenging niet door te zetten en kent gedaagde een schadevergoeding toe voor het niet verlengen van de aanstelling, met een maximum van zes maanden salaris. Tevens wordt het beroep tegen het uitblijven van een nieuwe beslissing op bezwaar gegrond verklaard en wordt appellant veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het besluit tot niet-verlenging van de tijdelijke aanstelling wordt vernietigd en gedaagde krijgt een schadevergoeding toegekend.