ECLI:NL:CRVB:2005:AT6759
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T.L. de Vries
- J.G. Treffers
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van intrekking WAO-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid per 17 mei 2000
Appellant, geboren in 1966 en laatstelijk werkzaam als productiemedewerker, viel op 14 december 1998 uit wegens schouderklachten. Na onderzoek kende het UWV hem op 3 april 2000 een WAO-uitkering toe met een arbeidsongeschiktheidspercentage van 80-100%.
Op 4 april 2000 trok het UWV deze uitkering in met ingang van 17 mei 2000, omdat appellant volgens het UWV minder dan 15% arbeidsongeschikt was. Dit besluit werd op bezwaar gehandhaafd en de rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. Appellant voerde in hoger beroep aan dat latere medische omstandigheden, zoals opname wegens hoge bloeddruk en chronisch hartfalen, relevant waren voor de beoordeling.
De Raad oordeelt dat deze latere medische gegevens niet relevant zijn voor de situatie per 17 mei 2000 en dat de medische en arbeidskundige beoordeling destijds zorgvuldig en juist was. De Raad bevestigt daarom het bestreden besluit en het vonnis van de rechtbank.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering per 17 mei 2000 wordt bevestigd wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid.